|
|||
In deze les vertelt meester Henk over de steentijd in Turkije. Helaas weten we hier niet zo veel over.Over de oudste steentijd in Turkije is niet veel bekend. Archeologen denken dat er toen bosjagers in Turkije leefden. Meester Henk! Je zei dat Anatolië voor een groot deel uit steppen bestaat. Klopt, maar in de prehistorie was de hoogvlakte van Turkije bedekt met enorme bossen. Daar leefden de bosjagers. De mannen en jongens jaagden op dieren en de vrouwen en meisjes verzamelden eetbare planten en fruit in het bos. En ze vingen vis in de rivieren. De rijkdom van de natuur bepaalde hoelang ze op één plaats konden blijven wonen. Daarom leidden de bosjagers een nomadisch bestaan, d.w.z. ze reisden rond op zoek naar voedsel. Maar veel, veel eerder dan
in Nederland bedachten een paar slimme bosjagers uit Anatolië dat het
veel handiger was om zelf planten te verbouwen en dieren te houden. Al
rond 8000 v. Chr. hadden de mensen in Anatolië de landbouw uitgevonden. Meester Henk! Wat werd er zo anders? De mensen trokken niet meer rond zoals de bosjagers, maar gingen op een vaste plek wonen. De akkers waar ze hun voedsel op verbouwden, werden voor een aantal jaren gebruikt. En het was handig om de akkers dicht bij huis te hebben. De mensen gingen bij hun akkers in boerderijen wonen. Maar na de oogst moet je het eten wel kunnen bewaren. Al snel kwamen er “boeren” die nog iets meer deden. Zij wisten hoe je manden kon vlechten of potten moest bakken. Maar als je een lange tijd bij elkaar woont, heb je ook afspraken nodig. Net als in de klas maak je afspraken hoe je met elkaar omgaat. De afspraken worden regels en regels worden wetten. Maar dan heb je ook mensen nodig die zorgen dat de mensen leven naar de gemaakte afspraken/regels/wetten: soldaten. En als het fout gaat, moet iemand recht spreken: rechters. Maar deze mensen moeten ook eten. Dus moesten de boeren belasting betalen. En dat moest worden opgeschreven, zodat je kon laten zien dat de belasting was betaald. Daarvoor had je een administratie voor nodig met schrijvers. Kortom: er kwam een compleet andere wereld. Een wereld waarin mensen in dorpjes, en later in grote steden, bij elkaar woonden. De oudste dorpen in Turkije zijn onder andere Caferhöyük, Çayönü en Çatalhöyük. Vooral de laatste nederzetting is heel bekend geworden door de spectaculaire opgravingen. Meester Henk! Wat was er dan zo bijzonder? Dit dorp is rond 7400 v. Chr. gesticht. Het is daarmee één van de oudste dorpen die we kennen. Toen de archeologen Çatalhöyük opgroeven, waren ze stomverbaasd. Nog nooit eerder was er een dorp uit de steentijd teruggevonden dat zo groot was. Er woonden tussen de vijf- en zevenduizend mensen in Çatalhöyük !
De huizen stonden zo dicht op elkaar dat er geen straten waren. De voordeur van de huizen was op het dak. Met een ladder ging men in en uit het huis. De daken waren de straten.
In het dorp woonden niet alleen boeren. Er woonden ook handelaren. Het
dorp was een handelscentrum van obsidiaan; vulkanisch glas. Dat werd
tot in Irak en Palestina verkocht.
Meester Henk! Waarom afbeeldingen van stieren?
Stieren waren symbolen van levenskracht. Dat wijst erop dat de tempels
waarschijnlijk gebruikt werden voor een vruchtbaarheidscultus.
20 mei 2026 |
|||